Buggy Flashback

In deze rubriek komt elke maand 1 van de buggy's van eigen bodem aan bod.

Bruvo buggy

 

Toen in 1968 twee Rotterdamse jongens, Frits de Vos en Bernard de Bruin, bedachten dat het leuk zou zijn om in een eigen sportwagen rond te rijden verklaarden de kennissen en familieleden hen voor gek. Immers het tweetal had nagenoeg geen geld om handen. Frits was in die tijd opkomende ster in de reclame- en etalagewereld en hield zich zodoende speciaal bezig met kunststoffen en Bernard studeerde economie aan de Hogeschool in Rotterdam en hield zich daarbij in leven als werkstudent. Een fraaie exclusieve auto kopen was uiteraard niet mogelijk. Veel te klein banksaldo. Er restte het tweetal maar een ding: zelf maken!

De buggy-rage had inmiddels hun aandacht getrokken en in die stijl wilden ze verder gaan. Omdat ze Amerikaanse buggy minder geschikt vonden voor dagelijks gebruik zochten ze iets dat meer op een normale auto leek. Dus ontwierpen ze een buggy-achtige carrosserie met grote overhangende spatborden. Halverwege dreigde het project wegens geldgebrek te stranden. Er was maar een goede oplossing: de mal niet slechts voor twee auto’s benutten, zoals oorspronkelijk de bedoeling was, maar er een kleine serie van te maken, die te verkopen en zodoende de extra kosten er uit te halen. Eigenlijk zou dan een van hen zich uitsluitend bezig moeten gaan houden met de Road Buggy, zoals ze hun nieuwe auto inmiddels doopten. Begin 1970 nam Frits ontslag bij zijn werkgever en ging zich alleen maar aan de buggy wijden. En het proefmodel van de BRUVO Road Buggy kwam op de weg.

  De BRUVO staat op een niet ingekort VW chassis. Wel is het chassis voorzien van verstevigingbalken. De oude schuur, waar de beide enthousiastelingen in weer en wind hadden staan te werken, bleek niet geschikt voor verdere productie. Het tweetal kwam in contact met Bert Geijssen. Bert ging zich met de dagelijkse leiding bemoeien en er werden hallen gehuurd in Oud Loosdrecht. De productie op dat moment is een a twee stuks per dag. Een BRUVO-bouwpakket behoorde op dat moment tot de goedkoopste in zijn soort. Een body, inclusief twee kuipstoelen, verwarmingsinstallatie, een neus en een motorkap kostten 1200 gulden.